Rogier van der Zwaag, een van de drie jongens achter Nobody Beats The Drum, heeft een buitengewoon impressive video clip voor de nieuwe Grindin’ in elkaar geknutseld. Onder het genot van een tosti vertelde Rogier over zijn inspiratie voor de clip, het concept, het compulsief gestoorde werk en het eindresultaat. Check below ook even de hilarische making of.

Ik ben een jaar of wat geleden bezig geweest met een wat simpelere vorm van 'blokjes animeren’, toen met zwarte balkjes in een witte kamer. Ik kreeg een paar jaar daarvoor, in het eerste jaar van mijn opleiding aan de HKU een filmpje van Oskar Fischinger voorgeschoteld. Dit was een Duitse animator die veel mooie dingen heeft gemaakt rond de jaren ’30 van de vorige eeuw. De manier waarop hij abstracte beelden combineerde met klassieke muziek vond ik gruwelijk. Hij gebruikte alleen maar beweging en vorm, en wist toch de aandacht van de kijker vast te houden. Dit heeft mij ertoe gezet om met het maken van m’n visuals ook die balans te gaan zoeken. Zodoende waren die eerste experimenten met zwart/witte blokjes ontstaan.



De grootste inspiratiebron Oskar Fischinger



Maar er bleef daarna iets borrelen. Ik wilde het heel graag nog een stuk verder trekken. Ik wilde dat de ruimte waarin je je als kijker begeeft kon bewegen. Je ogen moesten niet helemaal snappen wat ze overkwam. En het moest vooral in kleur. In eerste instantie heb ik het nummer 'Grindin’ opgedeeld in fases van 8 maten. Elke 8 maten moest er een nieuw thema in het beeld starten, waarbij je elke keer een nog niet eerder ervaren beeld of bewegings patroon zou moeten zien. Ik heb schetsen en storyboards gemaakt, en ben toen begonnen met zagen. Een vriend van mij, Jonas Samson, heeft een zaagtafel waarop ik me een paar dagen heb mogen uitleven: balkjes van 1, 2, 3, 4 enz. centimeters, platen voor de muren, latjes voor de vloer… Hier werd me voor het eerst duidelijk hoe belachelijk tijdrovend dit project ging worden. Na een nog een flink aantal dagen verven (en met dank aan mijn trouwe stagiaire Susie Oosting) was ik klaar om daadwerkelijk te gaan animeren.



In het geïmproviseerde studio’tje wat ik ergens in Jori’s woning heb mogen betrekken kwam ik er al snel achter dat een groot deel van mijn oorspronkelijke ideeën niet werkten. Het was ook erg moeilijk om van tevoren een duidelijk beeld te hebben van hoe het er precies uit zou gaan zien. Ook tijdens het animeren. De oorspronkelijke opnames zijn namelijk slechts een kwart van het uiteindelijk beeld: De andere 3 delen zijn een weerspiegeling van de linkeronderhoek.


Daarbij komt dat je vaak na een paar seconden animatie gemaakt te hebben pas doorhebt wat je aan het doen bent, heul tijdrovend geintje. Wat er voor zorgde dat het leuk bleef, waren de momenten dat die paar seconden bleken te werken. De magie van bewegend beeld blijft voor mij een ware verslaving, hoe frustrerend het werkproces af en toe ook kan zijn. Ik wist vanaf dat de eerste tien seconden gemaakt waren in ieder geval dat het de moeite waard zou zijn. Gelukkig vind ik dat nog steeds…


Vooral het stuk in het midden, met die lichtgevende blokjes, was pittig. Het zijn eigenlijk witte blokjes waar een beamer op gericht staat. elk blokje is gemapt en de kleuren die over die blokjes heen bewegen zijn simpele computeranimaties, Bij deze fase had ik echt geen idee wat er uit zou komen, ook hier werkte de eerste paar pogingen niet goed, maar heb ik er uiteindelijk iets tofs uit weten te krijgen.



Al met al heb ik aan dit hele project geen blijvend letsel overgehouden, tenminste, zo lijkt het. Ik ben blij met de samenspel tussen het beeld en de muziek, wat ik altijd iets heel belangrijks vind, en hoop dat het gewaardeerd word. Nu moet ik alleen even naar de wasbak rennen want de kaas van m’n tosti blijft aan mijn gehemelte branden.

Check zeker nog even de welgeacteerde making-of video!