Omdat ik na de middelbare school iets met mijn liefde voor vormgeving en papier wilde doen en was afgewezen voor de kunstacademie, ging ik Media en Informatie Management studeren. Ik wilde media maken en dit was daarvoor de juiste opleiding.

Jammer genoeg was de opleiding voornamelijk gericht op literaire uitgaven en niet op non-fictie en al helemaal niet op vormgeving. Mijn interesse lag juist meer en meer bij concept en het product in zijn geheel. Niet alleen in de lettertjes dus. Ik leerde er ook niet echt veel over de boek basics en over de anatomie van boeken (of zat ik gewoon niet op te letten?), maar inmiddels weet ik een stuk meer.

Hoe zit een boek technisch in elkaar en wat zijn de do’s en dont’s van een boekcover? Lees het hier…



De anatomie van een boek

Een boek bestaat naast de cover (omslag) uit binnenwerk. De omslag van het boek heeft een rug en een voor- en achterplat. Het binnenwerk bestaat uit katernen die samen worden gebonden en waar de omslag omheen wordt bevestigd. Bij een hardcover houden de schutbladen het binnenwerk bij elkaar.

Het binnenwerk van een boek
Het binnenwerk bestaat meestal uit een franse titelpagina, een copyrightpagina, een titelpagina, de inhoudsopgave, de hoofdstukken, extra inhoud (zoals een index, of woordenlijst) en een colofon. Er kan ook een leeslint in het boek worden bevestigd of een uitvouwpagina (of meerdere). Het binnenwerk van een boek bestaat doorgaans uit katernen van 16 pagina’s. Als je een boek aanlevert aan een drukker, heeft hij het liefst dat het totale aantal pagina’s deelbaar is door 16.

De katernen van een boek
De katernen van een boek kunnen worden genaaid of gelijmd. Als het genaaid wordt, zie je aan de boven- en onderkant van een boek de kapitaalbandjes. Bij gebonden boeken is de kneep is de ‘greppel’ tussen rug en voor- en achterplat. Er bestaan ook boeken zonder rug (je ziet dan de gebonden katernen), zoals de eerder genoemde Enriching en Mostly Cola van Ward Zwart (ook de maker van de introductie visual hier bovenin de special).

Nummerbord voor een boek
Ten slotte heeft elk boek dat via de boekhandel (on- en offline) wordt verkocht een Internationaal Standaard Boeknummer (ISBN). Een ISBN is als een nummerbord voor een boek; het bevat een identificatiecodes voor de uitgever, voor het boek zelf en voor het land of taalgebied waarin het boek wordt uitgegeven. ISB-Nummers kunnen in Nederland worden aangevraagd bij Bureau ISBN.

Twee pagina’s naast elkaar…
Naast deze fysieke kenmerken, hoor je, als het over boeken gaat, ook termen als bladspiegel, zetspiegel, marge, afloop e.d. Hier een superkorte uitleg: de zetspiegel is het bedrukte deel van een pagina, de marges zijn de onbedrukte randen van de pagina en de bladspiegel is het geheel van zetspiegel en marges. Als een pagina geen witmarges heeft, is het beeld ‘aflopend’. Twee pagina’s naast elkaar worden een spread genoemd.



De cover

De cover is waarschijnlijk het belangrijkste onderdeel van een boek. ‘Don’t judge a book by its cover’ zegt men, maar wetenschappelijke onderzoeken hebben altijd bewezen dat dit bij boeken juist wel gebeurd.

Een koper beslist in een fractie van een seconde of hij de cover van het boek interessant genoeg vindt om de achterflap te lezen. De cover moet daarom opvallen tussen andere boeken, nieuwsgierig maken, passen bij het genre en de tekst en het beeld op de cover moeten bij elkaar passen.

Uiterst herkenbare covers van deze twee Paul Arden boeken

Ik koop zelf bijna uitsluitend Engelse paperbacks. Niet alleen omdat ze lekker goedkoop zijn, maar vooral omdat de covers altijd zo mooi zijn. Engelse boeken hebben covers die sprekender zijn dan Nederlandse. Ze bevatten experimentele met de hand getekende lettertypes en superstrakke tekeningen. Grafisch vormgevers daar leven zich uit op de omslagen van boeken, terwijl Nederlandse covers er vrijwel allemaal hetzelfde uitzien: een foto met daarbij de titel van het boek in een algemeen lettertype of in een klassieke schreefletter.






In Amerika en Groot-Brittannië zijn de oplages veel groter, dus het hebben van een goede omslag is van groot belang. Dat begrijp ik. Penguin bijvoorbeeld is beroemd geworden om hun spraakmakende covers en ze gebruiken die eigenschap nog steeds als marketingtool. Omdat ze titels in hun fonds hebben die steeds herdrukt worden, kunnen ze het ontwerp van bekende titels ook blijven vernieuwen. Nederland heeft een rijke vormgeef traditie (en een rijke boekbandontwerptraditie), dus waarom zijn boekcovers in Nederland allemaal zo saai?




Een paar geweldige Penguin covers







Nieuwe Virginia Woolf covers van Penguin (ontwerp: Pentagram)




Gelukkig zie ik in Nederland steeds vaker een cover die wel de moeite waard is. De Nederlandse editie van Skippy Dies bijvoorbeeld heeft een veel betere cover dan de Engelse editie. Bij literaire uitgeverij Lebowski hebben veel boeken een mooie cover en BIS Publishers en Uitgeverij Snor verdienen ook een compliment.

Ik denk desondanks dat Amerikaanse en Britse covers altijd beter en spraakmakender zullen blijven door de concurrentie in de boekenwereld daar. Boekomslagontwerpers als Chip Kidd, Rodrigo Corral en Paul Bacon zijn onsterfelijk. Maar zolang je hier makkelijk Engelse boeken kan kopen, klaag ik niet.



Volgende week…

Als je creatief bent, erover denkt iets zelf te publiceren maar niet bij een grote uitgeverij terecht kunt, volgt in het laatste drieluik volgende week een crash course!