De interface en user-graphic van de OP- 1 Portable Synthesizer, zijn van een helderheid en schoonheid die je niet vaak tegenkomt. Vier kleurgecodeerde knoppen geven controle aan verschillende synth modules die visueel op het scherm weergegeven worden. De overige knoppen geven functionaliteit aan de rest…

Het valt niet mee om de complexiteit van een synthesizer te vertalen tot een simpel innovatief verpakt geheel. Een met een relatief kleine 'learning curve’ die natuurlijk aanvoelt. Het is daarom bewonderenswaardig dat Teenag Eengineering de uitdaging is aangegaan juist dit te doen.

Veel technologische producten vandaag de dag maken gebruik van een gecombineerde interface van een beeldscherm waarop vaak user-graphics zijn afgebeeld in combinatie met fysieke knoppen (denk hierbij aan het installeren van je TV, de parkeermeters in Amsterdam tot aan het kiezen van een wasprogramma). Om de learning curve van een gebruiker tot een minium te beperken – het moment dat een gebruiker de functionaliteit begrijpt – zijn de user-graphics vaak zeer basis en lineair. Dit terwijl de gebruikers van het produkt vaak complexe wezens zijn.

De regel in het ontwerpen van een user-interface zou dan volgens Donald A. Norman (o.a. de User Experience Architect van Apple 1993 – 1997) kunnen zijn de 'sweet spot’ vinden op een bewegende schaal tussen eenvoud en complexiteit. Te complex en niemand snapt het (erin resulterend dat een eindgebruiker niet met het apparaat overweg kan gaan), te eenvoudig en er is geen uitdaging. En ja, bij wasmachines is dit misschien maar goed ook.

Albert Einstein zei eens:
“Things should be made as simple as possible, but not too simple”

Hier een voorbeeld van de OP-1 in werking

Het beeldmateriaal dat ik gebruikt heb is afkomstig uit de handleiding
van de OP- 1 / Teenage Engineering



Jean-Louis Denis Strijbosch“Jean-Louis Denis Strijbosch is een bevlogen ‘vak idioot’, iemand met een grote passie voor de vele facetten van het ontwerp vak.
Hij is o.a werkzaam geweest bij Belkin’s Innovation Design Group in Los Angeles en bij Koeweiden Postma.”